Steeds meer hitterecords

Het aantal hitterecords neemt in Nederland flink toe. Sinds 2000 noteerde het KNMI 149 hitterecords, tegenover 14 kouderecords. In een wereld zonder klimaatverandering zou in beide gevallen zo’n 58 keer een record zijn gevestigd. Uit deze cijfers blijkt duidelijk dat het Nederlandse klimaat opwarmt.

De maand mei van 2018 was een van de warmste sinds minimaal 300 jaar. Het KNMI noteerde in De Bilt een maandgemiddelde temperatuur van 16,4°C. Een normaal gemiddelde is 13,1°C. Ook de maand april was een van de warmste april­maanden ooit. “Hitte neemt toe”, zegt Rob Sluijter van het KNMI. En daarmee ook het aantal problemen rondom hittestress in steden: de gezondheid van kwetsbare mensen en het ‘hitte-eilandeffect’ door opwarming van gebouwen en de openbare ruimte. Het hitte-eiland-effect (urban heat island – UHI) kan ervoor zorgen dat de temperatuur in een stad 5 tot 10 graden hoger is dan op het platteland.

Informatie op maat

Het KNMI is steeds beter in staat om klimaatinformatie op maat te geven. In opdracht van het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht en de gemeente Amsterdam beschreef het KNMI de gevolgen van klimaatverandering voor de Metropool Regio Amsterdam, gebaseerd op de KNMI’14-scenario’s. De gemiddelde temperatuur in het gebied is sinds 1950 gestegen met 1,6 graden. Het aantal zomerse dagen (25°C of warmer) is sinds 1950 meer dan verdubbeld tot 20 dagen per jaar. Tot 2085 zal dit aantal stijgen tot 40 zomerse dagen.
Het KNMI-onderzoek leverde een overzichtelijke presentatie op die op meerdere manieren te gebruiken is: bijvoorbeeld voor bewustwording bij burgers en als achtergrondinformatie voor beleidsmedewerkers en bestuurders die zich buigen over klimaatadapatiemaatregelen.

Vaker een hittegolf

Sinds 1901 kreeg Nederland 24 keer te maken met een hittegolf. Dat zijn vijf zomerse dagen op rij in De Bilt (25°C of hoger), waarvan minimaal drie dagen tropisch zijn (30°C of hoger). Vóór 1975 was een hittegolf een zeldzaam verschijnsel, daarna was het om de paar jaar raak. Meer dan de helft van het aantal hittegolven vond plaats in de afgelopen 28 jaar.
Bron: KNMI

 

Soorten temperatuur bij hitte

Oppervlaktetemperatuur: de temperatuur van alle oppervlakken: gras, daken, wegen, parkeerplaatsen, bomen, et cetera. Deze temperatuur wordt in beeld gebracht met infraroodcamera’s vanuit vliegtuigen, drones (warmtescans) of met satellieten.
Luchttemperatuur: de temperatuur van de buitenlucht. Dit is de temperatuur waar het KNMI mee werkt en die wordt gebruikt bij weerberichten (tenzij anders vermeld).
Hitte-index: wordt bepaald uit een combinatie van temperatuur en vochtigheid en is gebaseerd op een formule van de Amerikaan Robert Steadman. Er zijn vier waarschuwingsniveaus, gekoppeld aan mogelijke gevolgen voor de gezondheid bij grote lichamelijke inspanning.
Gevoelstemperatuur of beleefde temperatuur: gaat een stap verder dan de formule van Robert Steadman. Het is een virtuele temperatuur, gebaseerd op diverse informatiebronnen (stralingswarmte, luchtvochtigheid, wind, temperatuur in de zon en temperatuur in de schaduw). Het KNMI werkt al dertig jaar met een gevoelstemperatuur bij kou, maar nog niet bij hitte. Wetenschappers discus­siëren over de best bruikbare rekenmethode voor het vaststellen van de beleefde temperatuur. Volgens thermofysioloog Hein Daanen lijkt het de WBGT te worden: de Wet Bulb Globe Temperature. Deze methode wordt al gebruikt door het leger en topsporters. De vakbond FNV heeft een laagdrempelige hitte­stress-­calculator ontwikkeld voor werkgevers en werknemers, gebaseerd op de WBGT-index.

Bronnen: KNMI, Toolbox Wateroverlast en Klimaatverandering Achterhoek

 

Hitte index volgens Steadman (KNMI) uit FS_Temperatuur kopie

Achtergrondinformatie, onderzoeken en bronnen

Lees verder over hitte, droogte of wateroverlast in de stad.